Op trollenjacht in Noorwegen: een treinreis als sprookje voor kinderen
Een treinreis door Noorwegen is voor kinderen veel meer dan alleen een manier om van A naar B te reizen. Onderweg verandert het landschap voortdurend en lijkt het soms alsof je door een sprookjesboek rijdt. Rotsen die op reuzen lijken, indrukwekkende watervallen die uit het niets naar beneden storten en houten huisjes aan het water. Het zijn plekken waar de fantasie van kinderen alle ruimte krijgt en waar trollen misschien wel écht zouden kunnen bestaan.
De trein naar Noorwegen biedt volop mogelijkheden voor gezinnen om onderweg bijzondere plekken te ontdekken. Zo is de route van Oslo naar Bergen een prachtige reis, met verschillende stops waar natuur, avontuur en Noorse sprookjes samenkomen. Een bijzondere ervaring voor het hele gezin!
Op trollenjacht in Noorwegen: een treinreis als sprookje voor kinderen
Van Oslo naar Finse: waar de verhalen beginnen
De Bergensbanen tussen Oslo en Bergen duurt zo’n zes en een half tot zeven uur. Voor een kind klinkt dat als een eeuwigheid tot je er een verhaal aan hangt. In de negentiende eeuw verzamelden Asbjørnsen en Moe de Noorse volksverhalen en daarin wonen trollen onder bruggen, in bergen en achter watervallen. Lees onderweg eens ‘De drie bokken Bruse’ voor, over drie geiten die over een brug moeten waar een boze trol onder zit. Rijdt de trein vervolgens over een brug of door een kloof, dan kijkt iedereen mee. Zie je iets?
Hoger op de route verdwijnen de bomen en wordt het kaal en rotsig. Finse ligt op 1222 meter en is het hoogste station van de lijn. Er loopt geen weg naartoe, je komt er alleen met de trein, te voet of op de fiets. Voor een kind is dat het bewijs dat je ergens bent waar de gewone wereld ophoudt. Laat ze zoeken naar het gezicht in de rotsen, naar de plek waar een trol zich zou verstoppen. Ze zoeken uren, terwijl jij geniet van het uitzicht en je kopje koffie.
De Flåmsbana: twintig tunnels en een waterval met een geheim
Bij Myrdal stap je over op de Flåmsbana en vanaf dat moment hoef je als ouder weinig meer te regelen. Het lijntje is twintig kilometer lang en daalt in ongeveer een uur zo’n 865 meter naar de fjord. Onderweg passeer je twintig tunnels, waarvan er achttien met de hand zijn uitgehakt. Dat laatste vinden kinderen geweldig. Vertel erbij dat mensen dwars door de berg gingen om dit spoor aan te leggen en je hebt meteen een verhaal waar zij op los fantaseren.
Halverwege stopt de trein bij de Kjosfossen. De waterval stort tientallen meters naar beneden en je stapt even uit om te kijken. Zomers kan er op het platform een figuur in een rode jurk verschijnen die danst op de rotsen en zingt: de huldra, een wezen uit de Noorse sagen. Ze is er niet elke rit bij, dus beloof niets, maar kinderen die het verhaal kennen blijven toch tot het laatste moment naar buiten staren.
Tip: laat ze van tevoren raden of de huldra vriendelijk of gevaarlijk is. Dat levert een gesprek op dat tot Flåm duurt. Of laat ze tekenen hoe zij denken dat de huldra er echt uit zal zien?!

Met de boot door de Nærøyfjord
Na de trein volgt het water. Vanuit Flåm vaar je door de Nærøyfjord, een smalle fjord waar de bergwanden steil omhoog gaan en waar het opvallend stil wordt aan boord. Het smalste stuk is maar een paar honderd meter breed. Voor kinderen die net uren in een treinstoel hebben gezeten, is het fijn om buiten op het dek te staan en de wind in hun gezicht te voelen.
Maar ga vooral door met jullie spel. Waar lopen die dunne waterstralen langs de rotsen? Welke berg lijkt op een slapende reus? Laat ze de dunne watervallen tellen, dat werkt beter dan elke tablet. Neem wel echt warme kleding mee, ook in de zomer, want op het water voelt het koeler dan je verwacht. Het mooie van deze fjord is dat alles zich op ooghoogte afspeelt: je hoeft niet te klimmen om je klein te voelen tussen de bergen en dat is precies het gevoel waar je eigen kleine troltje(s) zo van kan genieten.
Bergen en het trollenbos op de Fløyen
De reis eindigt in Bergen, een stad met houten huizen op de kade en bergen om je heen. Met de Fløibanen, een kabeltreintje van zes tot acht minuten, ga je naar de top van de Fløyen op zo’n 320 meter. Dat ritje voelt voor kinderen als een extra attractie, want het gaat bijna recht omhoog.
Boven wacht het Trollskogen: het trollenbos. Tussen de bomen staan houten trollen die je als kind gewoon moet vinden en vlakbij ligt een grote speeltuin. Zomers lopen er soms geiten rond, wat natuurlijk aansluit bij het verhaal van de bokken Bruse waarmee je in Oslo begon. Zo krijgt de reis een rond einde: het verhaal dat je bij het vertrek voorlas, speelt zich nu af op de grond waar je kind staat.
Eenmaal terug beneden loop je langs Bryggen, de oude houten handelskade, waar een ijsje veel beter smaakt dan je thuis zou verwachten. Wil je het rustig houden, spaar de speeltuin dan voor het eind van de middag, als de trollen hun werk gedaan hebben en de kinderen toch al moe zijn.

Een trollenbingo voor onderweg
Maak voor onderweg ook zelf een eenvoudige bingokaart. Teken of print zes of acht plaatjes: een waterval, een tunnel, een brug, een geit, een rode jurk, een rots met een gezicht. Elke vondst wordt afgevinkt en wie als eerste een rij heeft, mag een verhaal kiezen voor de volgende rit. Een tweede variant is een tekenopdracht: elk kind tekent op de heenreis een eigen trol en op de terugreis het huis waar die trol woont. Je houdt er een stapel tekeningen aan over die jaren later nog tevoorschijn komt. Voor de iets oudere kids werkt een Journal ook heel goed waarin zij kunnen tekenen: wat zij zien en hoe zij de verhalen zich inbeelden.
Tel de overstappen en de reistijden mee in je planning en reken op ruimte voor pauzes. Een reis met kinderen gaat nooit precies zoals het schema en juist in die ruimte ontstaan de mooiste momenten en het geeft rust. Neem snacks mee, een tekenblok en een boek met Noorse verhalen. De rest doen de bergen, de tunnels en de fjord voor je. Zo houd je een reis vol die uit bergen, water en hout bestaat, en waar elk kind een eigen rol in heeft.